Nieuws van de Dag 15-11-'96
De Canadees Keith Johnstone moet een gelukkig mens zijn. Ontevreden
over de spontaniteit van de gemiddelde voorstelling, bedaeht hij zo'n
acht jaar geleden theatersport. Een uiterst vruchtbaar idee, want
inmiddels wordt deze vorm van improvisatietoneel wereldwijd beoefend.
Onder meer tijdens het deze week in Amsterdam gehouden Tweede Internationaal
Improvisatie Festival, waarop groepen uit Finland, Zweden, de Verenigde
Staten en Nederland de strijd met elkaar aanbinden.
Flexibiliteit is bij de edele theatersport het sleutelwoord. Twee
teams van acteurs dagen elkaar beurtelings uit tot het spelen van
een scene. De uitdagende partij draagt het onderwerp of de vorm aan.
Ook het publiek heeft een stem en mag bijvoorbeeld de emotie of de
plaats van handeling bepalen. Begeleid op piano gaan de uitgedaagden
vervolgens aan de slag. Zonder overleg vooraf improviseren de spelers
er lustig op los, waarbij ze ernaar streven een afgerond verhaal met
hoge amusementswaarde neer te zetten. Na beoordeling door een streng
gezelschap van rechters, compleet met toga en bef, mag de andere ploeg
proberen de opponent af te troeven en op eigen terrein te verslaan.
Jury
De toeschouwers hebben ook invloed op de puntentelling. Door het
opsteken van een gekleurde kaart kunnen zij aangeven weik team naar
hun smaak de beste prestatie heeft geleverd. Daarnaast kan diepe geraaktheid
worden onderstreept door het gooien van plastic rozen. Voor kritiek
op het gerechtelijke vonnis zijn sponzen beschikbaar.
Tijdens de wedstrijd tussen de VS en Zweden die afgelopen dinsdag
werd gespeeld, zijn het vooral rozen die op het toneel neerdwarrelen.
Aanvankelijk komen de Amerikanen op een forse voorsprong, dankzij
een angstig gangsterliefje dat haar amant met zijn eigen pistool om
het leven brengt. In hun antwoord lopen de Zweden zich vast in een
supermarktscene waar de bedrijfsleider om onduidelijk reden herhaaldelijk
een van de klanten bespuwt. Een volgende opdracht, een scene met een
happy end die zich afspeelt op een begraafplaats, gaat ze beter af.
Maar wederom worden ze door de Yanks afgebluft. Deze voeren een scheepskapitein
ten tonele die de na een schipbreuk dreigende muiterij bezweert door
zichzelf uit te roepen tot landkapitein.
Volksaard
De Amerikanen komen echter in de problemen wanneer ze typisch Zweedse
eigenaardigheden moetenn portretteren. Hun kennis van land en volk
schiet tekort. Van knackebrot hebben ze nog nooit gehoord en verder
dan de sauna, nota bene een Finse vinding, komen ze niet. De Zweden
slaan nu genadeloos toe en trekken de score gelijk door de Amerikaanse
neiging tot 'bigger and better' te illustreren aan de hand van een
immens grote broodrooster. Door het kleine onderlinge verschil is
het uiteindelijk het publiek dat beslist wie de winnaar is. De slotscene,
waarin de Amerikanen een complete mini-musical uit hun mouw schudden,
blijkt doorslaggevend. Ze verslaan hun tegenstander met 46-42.
Een avond theatersport op dit niveau is een feestje. Spannend, onvoorspelbaar.
Het enthousiasme van de spelers spat van het toneel af. Soms raken
ze verstrikt in hun eigen bedenksels, maar meestal weten ze met ware
virtuositeit de gebeurtenissen naar hun hand te zetten. De kronkels
waarin ze zich wringen houden je als toeschouwer op het puntje van
je stoel. Topsport, dat is het.
Marco Weijers. |